Actueel

‘Twijfel schept intellectuele ruimte voor het debat, en kan zo juist een instrument van kennis zijn.’

Het is hem niet gauw te veel. Rijk van Vliet kan een werkdag lang bezig zijn met de politiek en dan ’s avonds, append met vrienden in diverse groepschats, het er nog steeds uitgebreid over hebben. Alles bijhouden, online bijvoorbeeld via de socials, maar zeker ook via wetenschappelijke publicaties en boeken. En dan graag op papier gedrukt, zoals hij ook plezier kan hebben in het lezen van de papieren versies van kranten, ‘van alle kranten, van Telegraaf tot NRC’. Zo veel mogelijk te weten komen, maar ook kunnen twijfelen. Sterker nog, vindt deze 26-jarige, die in augustus is begonnen als adviseur Public Affairs bij Van Oort & Van Oort: ‘Twijfel schept intellectuele ruimte voor het debat, en kan zo juist een instrument van kennis zijn.’

Door Kees Broere


Kennis uitwisselen en debatteren zijn zaken die Rijk van Vliet bijna letterlijk met de paplepel zijn ingegoten. Als 3-jarige, zo wist zijn moeder hem later te vertellen, had hij met haar al gesprekken die haar deden denken aan conversaties met volwassenen. Een jonge knaap met iets van een oude ziel, zo is hem liefdevol wel eens voorgehouden. Voor hem zelf verklaart het zijn belangstelling voor het verleden. ‘Ik ben niet voor niets politieke geschiedenis gaan studeren.’

Beter gezegd: erbij gaan studeren. Rijk heeft nu eenmaal die bijna onuitputtelijke drang om zoveel mogelijk te weten te komen. Als kind leidde dat ertoe dat hij op de basisschool een klas oversloeg en dus al jong, en met zoveel vakken als maar mocht, in Rotterdam zijn Athenaeum-diploma behaalde. In een bijzondere tijd en op een bijzondere manier. Door familieomstandigheden werd zijn examenjaar een heel pittige tijd. ‘Mensen zeiden dat ik het rustig aan moest doen. Maar ik wilde per se niet blijven zitten en ben juist heel hard gaan leren.’

Observerende buitenstaander
Vooral de meer exacte en technische vakken boeiden hem in die tijd. ‘Ik had toen het idee dat ik iets met natuurkunde wilde doen.’ Het liep anders. Rijk voelde dat hij moest bijkomen van het erg zware examenjaar. Een vriendin had hem verteld over een cursus Spaans die zij had gedaan in een gezellig internationaal studentenhuis in Sevilla. Hij koos ervoor daarheen te gaan. ‘Dat bleek echt helemaal top.’

Hij leerde een taal, kreeg die goed onder de knie, maar had in het jaar waarin hij in Spanje verbleef ook meer dan genoeg tijd voor andere dingen, zoals het grondig verkennen van Sevilla, de gesprekken met vrienden, en vooral ook heel veel lezen. Hij is inmiddels alweer een behoorlijke poos terug en merkt soms dat hij het Spaanse leven (en de Spaanse zon) kan missen. ‘Ik voelde en voel veel affiniteit met het land, de taal en de cultuur. Juist ook omdat het echt totaal anders is dan het leven in Nederland. Spanjaarden genieten meer van het leven, en dat terwijl zij in een rustiger tempo leven. Heel boeiend dat dat blijkt te kunnen.’ Rijk was zich bewust van zijn positie als observerende buitenstaander, als guiri zoals de mild-spottende naam luidt voor met name mensen uit de noordelijke streken van Europa, maar kan zich wel degelijk voorstellen dat hij nog eens voor langere tijd naar Spanje zal terugkeren.

Van hobby naar werk
Op dit moment echter gaat zijn belangstelling vooral uit naar politiek. Na Sevilla wilde Rijk in Amsterdam gaan wonen. Dat wist hij zeker, ook al was hij daar toen misschien nog maar één keer geweest. ‘Mijn moeder woont in Velsen, ik heb daar ook zelf gewoond, maar ik merkte dat ik behoefte had aan de reuring van de grote stad. De keus voor Amsterdam was er eigenlijk nog eerder dan de keus voor een bepaalde studie.’

Die studie werd politicologie, aan de UvA. Hij haalde er zowel zijn bachelor als master. Daarnaast deed hij in Utrecht een aparte master politieke geschiedenis. ‘Het bleken allemaal keuzes die heel goed bij mij passen, maar ik merkte ook dat voor mij één vak tijdens mijn studie eruit sprong. Dat was public affairs.’ Al snel na zijn afstuderen in 2023, en na nog even een tussenbaantje gehad te hebben in het Van Gogh Museum, kreeg hij een baan bij Lindblom, een klein adviesbureau op het gebied van p.r. en p.a. in Den Haag. Na 1,5 jaar merkte Rijk dat hij zich vooral op public affairs wilde concentreren. En dat uiteraard in combinatie met de Haagse politiek. Zo kwam hij bij Van Oort & Van Oort terecht.

‘Ik was als hobby toch al bijna de hele dag met politiek bezig. En nu heb ik er mijn werk van kunnen maken. Ik vind dat geweldig. De politiek boeit mij enorm, maar ik heb ook gemerkt dat ik daarbinnen grote belangstelling heb voor wat ik maar even “het politieke spel” zal noemen. Politiek moet en wil over de inhoud gaan. Maar daarbij is het zeker zo belangrijk om te kijken hoe je die inhoud voor jou in de praktijk effectief kunt laten werken. En dus bijvoorbeeld ook: wat je als politicus moet doen om jouw zaak goed in de media te krijgen. Fascinerend vind ik dat.’

Argwanend
Rijk van Vliet is dagelijks bezig met de politiek. Maar hij is zelf niet politiek actief als iemand die zich inzet voor een bepaalde politieke partij. ‘Ik ben wat dat betreft ook best wel zwevend. Ik weet ook nog niet op welke partij ik op 29 oktober zal stemmen.’

Een politicus, weet Rijk, moet zeker zijn van de zaak. Of nee, de politicus moet overtuigend de indruk kunnen wekken zeker te zijn van de zaak. ‘Zelf heb ik dat veel minder. Ik ben best wel argwanend naar mensen die het voordoen alsof zij alle antwoorden hebben. Ik ben iemand die openstaat voor allerlei verschillende opvattingen en ideeën, en daarnaast ook nog eens durft te twijfelen. Dat is geen zwakte, vind ik, maar een kwaliteit. Twijfel schept intellectuele ruimte voor het debat en kan zo juist een instrument van kennis zijn.’

Aan zijn nieuwe baan twijfelt Rijk vooralsnog helemaal niet. ‘Ik vind het erg fijn dat ik me nu full time met public affairs en politiek kan bezighouden. En dat, als het aan mij ligt, graag voor de langere termijn.’ Zijn vrienden in de groepschats zullen het vast met hem eens zijn.